Langdurige arbeidsongeschiktheid: maak zieken maar ook het systeem weer gezond

0
132

Tegen eind 2021 dreigen we maar liefst 500.000 langdurig zieken te tellen in ons land. Het cijfer is verbijsterend. De evidentie waarmee arbeidsongeschiktheid, werkloosheid en hogere leeftijd als communicerende vaten worden gezien is dat nog meer. Wie ziek is, verdient onze steun. Maar misschien zijn vooral ook ons systeem en onze aanpak ziek?

“Als je ingrijpt op de werkloosheid, dan heeft dat bijna onmiddellijk een effect op de langdurig zieken.” En: “Als de pensioenleeftijd verlengd wordt, maar men doet niets voor de oudere werknemers, dan vallen ze gewoon uit en komen ze op langdurige ziekte.” Deze uitspraken in De Standaard doen iedereen met verstomming slaan. Alsof het een evidentie is dat je switcht van het stelsel van de werkloosheid naar het stelsel van de ziekteverzekering. Alsof je als oudere op een bepaalde leeftijd wel compleet ‘out’ moét zijn. Alsof je ofwel kerngezond bent of doodziek voor onze arbeidsmarkt, met zo goed als niets daar tussenin. 

Laat ons duidelijk zijn: wie ziek is, verdient zonder enige twijfel onze steun en we hopen dat iedereen spoedig genezen raakt. Maar om de tien jaar verdubbelt de langdurige arbeidsongeschiktheid. De uitgaven aan uitkeringen voor langdurige ziekte overtreffen zelfs die voor werkloosheid. Ziekte kost een onderneming jaarlijks gemiddeld een miljoen euro. Dit is onhoudbaar. Het is tijd om nu eens écht het debat hierover te openen. Zeker nu door de coronacrisis de gezondheid van velen, fysiek en mentaal, onder druk staat. Langdurig ziek thuis zitten biedt niemand een positief perspectief: noch de zieke, noch de werkgever, noch de overheid. Integendeel, we verliezen hierbij niet één, niet twee keer maar zelfs drie keer. 

Hoe dit tij keren? De samenwerking tussen het RIZIV, de mutualiteiten en de VDAB is er momenteel op gericht om 5.000 langdurig zieken terug aan het werk te krijgen. Die lat moet tien keer zo hoog liggen, op 50.000. En het moet niet alleen meer, het moet ook sneller. Onderzoek wijst uit dat we moeten ingrijpen binnen het jaar in de eerste periode van primaire arbeidsongeschiktheid om langdurige ziekte (langer dan een jaar) te vermijden. Daarbij is een belangrijke rol weggelegd voor onze artsen, bedrijfsartsen, preventiediensten,… die moeten zoeken wat best is voor de patiënt; en dat is zeker niet altijd langdurig inactief zijn of thuis zitten. 

Ons huidige systeem functioneert ook als een Romeinse keizer, die de duim omhoog steekt of helemaal omlaag draait, en niet als een uitgestoken hand. Doktersbriefjes vormen een ja/nee-drempel, die het werk plots on hold zet. Ze zijn een nuttig instrument, die neutraal en objectief informatie geven over de vraag of iemand al dan niet gezondheidsproblemen heeft. Dat geeft duidelijkheid voor de werknemen én de werkgever. Maar de logica hierachter moet anders. We moeten meer kijken naar de mate van geschiktheid om te werken: wat lukt je wél nog in termen van functioneren en types van professionele activiteit?  Want werken kan ook helpen in de genezing en weer contacten en perspectief geven. 

In plaats van een 0 (ziek en kan dus niet werken) of 1 (gezond en kan dus wel werken) op ons medisch rapport te krijgen, zijn er zo nog heel wat scores en werkvormen tussenin mogelijk. Dit om te voorkomen dat we mensen al te snel afschrijven voor de arbeidsmarkt. Daarom moet veel meer ingezet worden op reïntegratie, geheel of gedeeltelijk. En wie meerdere keren van een mogelijke re-integratie afziet, moet daarvan ook eventuele financiële gevolgen dragen. Zeker aangezien we na de huidige crisis al snel weer elk talent nodig zullen hebben. We willen, nee: mogen, dan ook niemand los laten. 

Hans Maertens, gedelegeerd bestuurder van Voka vzw, het Vlaams netwerk van ondernemingen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here