CEO Matthias De Caluwe in HLN: ‘Het woord ‘perspectief’: ik ben dat zó beu’

0
167
© KioniPapadopoulos

1 maart. Dan wil Matthias De Caluwe het bordje in de horeca weer van ‘gesloten’ naar ‘open’ draaien. Met kleine stapjes – enkel een gezinsbubbel met één knuffelcontact aan tafel en extra aandacht voor de luchtkwaliteit – moet dat mogelijk zijn volgens de CEO van Horeca Vlaanderen. “We moeten toch de ambitie hebben om hier uit te geraken? Desnoods door er nog eerst enkele weken ‘den blok’ op te leggen om de curve plat te slaan.” Dat zegt CEO Matthias De Caluwe in een interview aan Het Laatste Nieuws.

Op 16 oktober had koning Filip net kennisgemaakt met z’n halfzus Delphine. Trump ging er nog van uit dat hij Biden zou kloppen. Wout van Aert was topfavoriet voor de Ronde die hij met enkele centimeters zou verliezen. Om maar te zeggen: het is alweer even geleden dat Matthias De Caluwe keek alsof hij z’n doodvonnis had horen voorlezen: “Voor ons is het Bloody Friday.” “Dinsdag zullen onze cafés en restaurants al 100 dagen gesloten zijn”, zucht de CEO van Horeca Vlaanderen. “Dat is langer dan tijdens de eerste lockdown, toen we 86 dagen dicht bleven. In 2020 waren we 44% van de tijd gesloten en werkten we 36% van het jaar met beperkende maatregelen. Hallucinant. Bijna 6 miljard euro minder omzet. Dan is het slikken wanneer je – zoals vorige week – een nieuwjaarsbrief krijgt waarin staat dat we toe blijven tot 1 maart. Een streep door januari en februari, da’s opnieuw min 1,5 miljard.”

De teller zal blijven tikken, want met die besmettelijke variant is de boodschap van experts ‘sociale contacten drastisch beperken’. Dan staat de horeca toch buitenspel?

“Er zijn er die ons nog maanden willen dicht houden, maar da’s makkelijk gezegd als ge u geen zorgen moet maken over onbetaalde facturen. Het woord ‘perspectief’: ik ben het zo beu als het zonder iets concreets komt. Het deed wel deugd toen minister-president Jan Jambon namens de Vlaamse regering zei: ‘Alle Vlamingen gaan voor de zomer een prik krijgen.’ In plaats van het beheren van de crisis, vind ik dat we een aanvallende, motiverende instelling moeten aannemen. Ik hoop dat de federale regering vrijdag met een ambitieuze boodschap komt, zoals ‘samen doorbijten en op 1 maart gaat de horeca weer open’. Dat kan op verschillende manieren. Laat het ons heel gefaseerd doen. Niet met tafels met tien, vijftien mensen. Starten met een beperkt aantal klanten: een gezinsbubbel aangevuld met één knuffelcontact om te beginnen. Of je nu thuis met je gezin en één knuffelcontact een pannenkoek eet of in een restaurant, op een buitenterras of in een café: wat is het verschil? We bekijken met de experts om protocollen uit te werken waardoor het op een verantwoorde manier kan. Sinds oktober maken virologen zich zorgen over de verspreiding van het virus door aerosolen in slecht geventileerde ruimtes. Daar moeten we een oplossing voor zoeken. Is dat in elke zaak de lucht controleren met een CO2-meter? Dan bekijken we dat. Laat ons het sluitingsuur afstemmen op de avondklok zodat er geen afterparty’s komen. En laat ons kleinschalig beginnen – met behoud van steun voor zaken die dat niet kunnen – en dan na een maand evalueren. Als het goed gaat: uitbreiden naar een gezin met twee knuffelcontacten. Vergeet niet dat wanneer ze in maart volop vaccineren, het risico afneemt. Als het lente wordt, kiezen mensen vaker voor het terras.”

Er zijn genoeg landen – Engeland en Ierland om er twee te noemen – waar ze het zich beklagen dat ze de cafés en restaurants weer hebben geopend. Het zou toch logisch zijn dat de overheid geen risico’s wil nemen?

“(geërgerd) Geen risico’s nemen wil dan ook zeggen dat je géén risico’s neemt, hé. Dan moet je ook het probleem in de scholen – nu blijkt dat kinderen wel besmettelijk zijn – op tafel leggen. En kijken wat er gebeurt op de werkvloer. Waarom in bedrijf A – tijdens de lunch op kantoor – wel risico’s toestaan en bedrijf B – een restaurant – niet? Waar wachten ze op om die niet-essentiële reizen te verbieden? Het getalm duurt nu al weken en de gevolgen doen ons zeer. Als ‘ten sterkste afgeraden’ betekent dat er toch 160.000 mensen op vakantie gaan, dan is het toch duidelijk dat je daarmee moet stoppen?”

‘Mensen die nu een skivakantie plannen, spuwen in ons gezicht en in dat van de zorgsector’, zo verwoordde een Leuvense restauranthouder het.

“Ik voel dat dit heel sterk leeft in de maatschappij en daar komt helaas grimmigheid van. Daarom zou het zo sterk zijn om die ambitie uit te spreken om op de datum van 1 maart de horeca weer te openen. Als beloning voor die 10,5 miljoen Belgen die een inspanning doen en wél luisteren naar de boodschap dat het sterk afgeraden is om te reizen. Mensen die nu met de schrik zitten voor de gevolgen omdat er 160.000 van mening waren dat ze wel moesten reizen, omdat ze daar goesting in hebben. Als er nu één groep is die je het gunt om eens op vakantie te gaan, zijn het toch wel de zorgverleners zeker? Maar zij kunnen niet weg. Als die 1 maart niet lukt – het virus is een vijand die zich goed weet te camoufleren – dan is het zo, maar dan hebben we tenminste geprobeerd. In een vorig leven heb ik voor voetbalclub Beerschot gewerkt en daar was het motto ‘Tene quod bene’ of ‘Behoud het goede’. Waarom doen we niet zoals bij de eerste golf: enkele weken met z’n allen door de zure appel bijten en die curve platslaan? Laat ons de lat hoog leggen en drie of vier weken ‘den blok erop’ leggen om die derde golf te vermijden. Om dan in maart – met hulp van die vaccins – ons leven weer te hervatten. Geen idioterie meer met niet op een bankje mogen zitten en niet naar een tweede verblijf mogen, maar bekijk alles zonder taboe en met gezond verstand wat reizen, werken en scholen betreft. En steun de getroffen mensen en bedrijven. Dat zal een paar weken hard zijn, maar zoals nu nog maanden blijven aanmodderen heeft toch ook geen zin?”

En als het nog lange tijd njet wordt?

“Dan lijkt het me logisch dat er nog extra steunmaatregelen komen voor de hardst getroffen sectoren zoals horeca, toerisme en de evenementen. Het dubbele overbruggingsrecht is verlengd voor februari, maar de vaste kosten in de horeca zijn hoog en daar hopen we ook nu al op een tegemoetkoming. Denk ook aan de toeleveranciers: de horeca koopt jaarlijks voor 10 miljard euro aan bij voornamelijk Belgische bedrijven. Dat netwerk is in gevaar en we hebben nog een extra baxter nodig. Al ben ik heel dankbaar voor wat er al is gebeurd. Een Vlaams café kreeg vorig jaar gemiddeld 16.000 euro steun. In Wallonië was dat maar 8.000 euro en bij een Brussels café was het 7.000 euro.”

‘2020 was financieel het beste jaar sinds jaren’, zo liet een restauranthouder vorige week aan de krant weten. Zonder verder in detail te willen treden weliswaar, zelfs niet anoniem.

“Er zijn bij alles winnaars en verliezers en daarom moeten we ook enkel steun op maat geven, zonder overdaad. Er zijn er die zich heel goed hebben aangepast aan de omstandigheden. Maar zes miljard euro minder omzet op een jaar, dat zal toch duidelijk zijn, nee?”

Belfius-CEO Marc Raisière vroeg zich af of ons land niet te veel cafés en restaurants heeft. ‘Een economie kan af en toe baat hebben bij een sanering.’ Hij is niet de enige die dat zegt.

“Mijn haar komt nog steeds recht van die uitspraak. Bijzonder ontgoochelend, vind ik dat. Het staat mij voor dat er tijdens de bankencrisis ook een grote solidariteit is getoond door ons allemaal. En toen lagen er geen mensen in ’t hospitaal en zorgden er andere zaken dan een virus voor dat de banken in de problemen zaten. Moeten we nu ondernemers die door iets waar ze geen enkele schuld aan hebben, die al maanden niet kunnen ondernemen, verplichten om al hun spaargeld – als het er al is – door te jagen en zo niet failliet laten gaan?”

Nu heb je het over de boodschapper en niet over de boodschap.

“Kijk, onze sector moet aan 100% capaciteit werken en dan had de mediaan vóór corona amper een nettorendabiliteit van 1,2% op de omzet. Maar dat is ook als jonge ondernemers hun dromen waarmaken en fors investeren zonder zichzelf een royaal loon uit te keren. Ja, dat zijn kwetsbare bedrijven in een crisis, maar dan zeggen: ”t Zou goed zijn als er wat failliet gaan?’ Komaan, zeg.”

Interview door Steven Swinnen voor Het Laatste Nieuws, 20/01/2021.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here