Varkenssector in woelig water

0
219

De varkenssector verkeert momenteel in een moeilijke marktsituatie. De verhouding tussen vraag en aanbod van varkensvlees op de Europese markt is grondig verstoord, waardoor de rentabiliteit op onze varkensbedrijven zwaar onder het nulpunt zit.

Vleesmarkten zwaar onder druk

De vraag naar varkensvlees is de laatste weken verder gedaald als gevolg van de verstrengde coronamaatregelen, zowel bij ons als in de andere EU-lidstaten. De verkoop van varkensvlees in de distributie en slagerijen loopt wel goed door, maar de vleesverwerkers hebben, onder andere door het sluiten van foodservicebedrijven, momenteel minder varkensvlees nodig. Daarnaast wordt ook minder Europees varkensvlees geëxporteerd naar derde landen, als gevolg van de uitbraak van Afrikaanse varkenspest in Duitsland. Het aanbod aan levende varkens is evenwel niet gedaald en gaat de laatste weken zelfs in stijgende lijn. De verminderde vraag leidt ertoe dat de slachthuizen minder varkens slachten, waardoor er een overaanbod aan levende varkens is ontstaan. De slachtgewichten lopen daardoor ook op en dat zorgt er samen voor dat de vleesmarkten zwaar onder druk staan. Het gevolg is dat de varkensprijzen met de biggenprijzen in hun zog momenteel op een erg laag niveau staan, waardoor de varkenshouderij zwaar verlieslatend is. De voorbij weken is het probleem aan de aanbodzijde nog versterkt, doordat de vraag naar levende varkens vanuit Duitsland is weggevallen. De coronaproblemen bij het personeel in de slachthuizen daar en het verlies van de Duitse AVP-vrije status hebben ervoor geleid dat de slachthuizen op de rem zijn gaan staan, waardoor er nu een zeer grote slachtachterstand is ontstaan. Dat heeft ook gevolgen voor ons land. De varkens die van bij ons richting Duitsland gingen, moeten hier nu hun weg vinden in een overvolle markt.

Kosten stijgen

De crisis wordt bij onze varkenshouders dus niet alleen gevoeld aan de inkomstenzijde, maar ook op het vlak van bedrijfsvoering komen onze bedrijven in de knel te zitten. Wat de rentabiliteit betreft, zien we dat naast de fel gedaalde inkomsten ook de uitgaven in stijgende lijn gaan. De veevoederprijzen zijn de laatste paar maanden aan een opmars bezig, waardoor de kosten om een big of vleesvarken te produceren gestegen zijn. Het is dan ook duidelijk dat dit de liquiditeitspositie op onze varkensbedrijven nog meer onder druk zet en dat betekent ook dat de reserves op onze bedrijven snel aan het verdampen zijn. Momenteel komt daar ook nog bij dat – doordat op veel bedrijven het ophalen van de varkens meer dan een week is uitgesteld – de bedrijfsvoering in het gedrang komt. Vooral op gesloten bedrijven stelt er zich een probleem. De buffercapaciteit op deze bedrijven is niet groot, vermits de stalcapaciteit is afgestemd op de productiecyclus van de zeugen. Als de vleesvarkens niet geleverd kunnen worden, komt er ook geen plaats vrij om de biggen door te schuiven naar de vleesvarkens, met alle gevolgen van dien. Het verkopen van biggen biedt ook geen soelaas, gezien de plaatsingsruimte er momenteel ook beperkt is. We vragen dan ook aan de slachthuizen om in deze moeilijke marktsituatie toch alles op alles te zetten om extra capaciteit vrij te maken om de leveringsachterstand op de gesloten bedrijven aan te pakken. Het is intussen wel duidelijk dat de varkenssector momenteel in een erg moeilijke situatie is beland.

Licht aan einde van de tunnel

Het ziet er momenteel niet naar uit dat de situatie op de varkensmarkt snel zal keren. Traditioneel heeft de vleesverkoop het in deze periode van het jaar ook moeilijk en dat versterkt de malaise momenteel ook nog. De moeilijke prijsvorming zal ongetwijfeld op termijn een invloed hebben op de varkensstapel in de EU. Doordat de varkenscyclus – van gedekte zeug tot vleesvarken – bijna een jaar duurt, kan de varkenssector niet snel schakelen om het aanbod af te stemmen op de vraag. De erg lage biggenprijs leidt ertoe dat de zeugenstapel zal dalen, waardoor het aanbod van varkens op termijn ook zal verminderen. Meer heil moet momenteel worden gezocht in de export van varkensvlees naar derde landen en daarvoor kijken we hoopvol uit naar de OIE (Wereldorganisatie voor diergezondheid). België heeft recent de AVP-vrije status aangevraagd en de hoop is dat de OIE die ook zal bekrachtigen. De export van varkensvlees zal ervoor zorgen dat de druk van de ketel kan worden gehaald en zal onze prijsvorming minder afhankelijk maken van die in Duitsland. Toch zijn er momenteel ook wel enkele lichtpunten te zien, die op minder lange termijn wat soelaas kunnen brengen. Een aantal EU-landen, zoals Nederland, exporteren nu al meer varkensvlees naar China. Dat kan het verlies van de Duitse export zeker niet compenseren, maar het helpt wel om de vleestrafiek gaande te houden. Het feit dat de Filipijnen het embargo op Belgisch varkensvlees hebben opgegeven, is dan weer goed nieuws voor ons. Voor het uitbreken van de Afrikaanse varkenspest bij ons waren de Filipijnen de tweede grootste exportbestemming voor Belgisch varkensvlees. Het gaat hierbij vooral om het zogenaamde ‘vijfde kwartier’, maar daarnaast is er wel een belangrijke opportuniteit om meer diepgevroren varkensvlees naar daar te exporteren. Het Aziatische land kampt immers zelf met Afrikaanse varkenspest, waardoor het meer varkensvlees moet invoeren.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here